Het Tabin Wildlife Resort ligt op het Maleisische gedeelte van Borneo en heeft een oppervlakte wat vergelijkbaar is met Singapore. Maar daar houdt de vergelijking met de metropool op het Maleisische vasteland, ook meteen ook. Singapore is namelijk niet zo groen als Tabin. En je zult in Singapore ook geen wilde kuddes olifanten tegenkomen

Tabin Wildlife Resort – Sabah Borneo

Op Borneo wel. Borneo is het groene hart van Azië. Al doet een aankomst in Kota Kinabalu je waarschijnlijk anders vermoeden. Maar wees gerust dit is pas je vertrekpunt naar een wereld vol jungle. En bij een jungle horen dieren. Wilde dieren…

Tabin2

Hoe kom je er?

Vanuit Kota Kinabalu vertrekken dagelijks vluchten naar Lahad Datu. Met een klein vliegtuigje vlieg je in zo’n drie kwartier tot een uur naar het zuiden van Sabah waar je op een klein strookje asfalt middenin het groen landt. Dat is al een heel avontuur op zich. Je kunt je backpack nog net niet zelf uit het vliegtuig pakken. Toen mijn backpack vijf minuten nadat ik uit het vliegtuig was gestapt al op een tafel in de ‘aankomsthal’ verscheen, had ik toch echt het gevoel dat ik niet meer in de grote stad was maar in de middle of nowhere.

Tabin6

En toen?

Daar stond de chauffeur van het Tabin Wildlife NP al op ons te wachten. Hij brengt je in anderhalf uur naar de lodge. Maar je bent in tropisch REGENwoud of je bent het niet en je raad het al: het ging dus heel hard regenen. En wel zo hard dat de gravelweggetjes in de jungle zo goed als onbegaanbaar werden. Kuilen en verschoven boomstammen versperden ons pad op een gegeven moment zodanig dat er geen andere optie was dan terug te rijden. Neem daarbij het feit dat het absoluut geen glad gestreken asfalt weg was maar weggetjes met gaten en ander soort hobbels langs plantages dwars door de jungle. Kortom; mijn nieren zaten op de plek van mijn longen en mijn maag zat in mijn keel (of althans de inhoud daarvan;-)). Welkom in de jungle. Je moet er wat voor over hebben. De supergrote cobra die we onderweg tegen kwamen maakte in ieder geval wel een hoop goed. Dat beloofde een hoop voor de drie dagen die we hier verbleven.

Tabin4

De jungle in:

Toen we eenmaal aankwamen was het gelukkig droog en installeerden we onszelf in ons houten huisje. Nadat de gids ons van alles had uitgelegd over de lodge, de jeepsafari’s en hoe om te gaan met bloedzuigers (klinkt enger dan dat het is maar toch besloot ik zoveel mogelijk huid te bedekken ook al was het 30 graden), vertrokken we direct de jungle in. Op zoek naar wildlife. Camera’s klaar en verrekijkers mee want die neushoornvogels en olifanten kunnen zo weer verdwenen zijn tussen al het groen. Ik keek dan ook letterlijk en figuurlijk mijn ogen uit. Steeds als je denkt dat er niets meer te zien is spot je weer een ander bijzonder dier. Helemaal in het donker; toen de gids in het pikkedonker op bijna onverklaarbare wijze de kleinste vogels en, gelukkig voor ons, een luipaard spotte. De volgende dag was het in de ochtend tijd voor een tocht naar de ‘mud volcano’ waar de olifanten zich graag wassen. Het had die nacht geregend dus we moesten kaplaarzen aan en een stuk door de modder ploeteren. Olifanten heb ik helaas niet gezien maar de sporen die ik zag waren het bewijs dat ze hier wel vaak komen. De modder scheen boordevol mineralen te zitten dus was het tijd voor een gratis maskertje.

Tabin3

Zwemmen:

In de middag gingen we weer op pad. Dit keer ging de badkleding aan. De jeep parkeerde op een plek waar je dacht de jungle echt niet in te kunnen en dat klopte ook. We stapten uit en baanden ons een weg door het groen. Het was even klimmen en klauteren, maar dat hoort erbij in de jungle. We kwamen uit op een bijzondere plek. Voor mij was dit wel echt een hoogtepunt. Je kon hier namelijk zwemmen, middenin de jungle en richting een plek waar een waterval uitkwam. Het was echt heel bijzonder om daar rond te dobberen met alleen de oerwoud geluiden: tetterende olifanten (ja ze waren er toch), kakelende neushoornvogels en brullende apen. Voor mij echt het ultieme junglegevoel waar ik nog vaak aan terugdenk. Na die middag waren de voetjes toe aan wat ontspanning. En ook daar hebben ze aan gedacht want je kon een voetenbad op geheel natuurlijke basis krijgen zodat je de volgende dag weer met frisse voeten en nieuwe energie de jungle in kon. Helaas heb ik de olifant tijdens deze jungle tocht niet gezien (het is toch echt een kwestie van ‘geluk’), maar ik beleefde de jungle op z’n puurst. Ik kwam alle insecten tegen (wandelende takken op m’n arm, levensgrote spinnen op de deur en bloedzuigers op m’n arm), de apen slingerden aan het dak van mijn houten lodge en overal waar je kon kijken was het groen, groener, groenst.

Tabin1

Tabin is in mijn ogen daarom een uniek stukje Borneo wat je niet mag missen als je naar Borneo toe gaat.

Verblijf in Tabin:

Je verblijft hier in eigenlijk hele comfortabele jungle lodges die precies waren zoals ik verwachtte: hout, rustig gelegen (echt verscholen in de jungle) maar niet echt back to basic. Douche en toilet waren aanwezig en voor de klamme nachten was er zelfs airconditioning. Wat wil je nog meer? Alle maaltijden zijn inclusief, die je nuttigt in de grote ruimte in het midden en hoewel het natuurlijk allemaal Aziatisch eten is, is het wat mij betreft echt meer dan prima voor een jungle lodge. ’s Avonds kun je nog wat drankjes drinken in de eetruimte en de gespotte dieren met je medereizigers afstrepen.